De Programmaraad van Boerderij van de Toekomst stelt zich voor:

Dirk Jan Beuling

De Programmaraad van Boerderij van de Toekomst speelt een belangrijke rol in de transitie van de huidige landbouw naar een landbouw die productief, regeneratief en veerkrachtig is. De deelnemers adviseren Boerderij van de Toekomst en toetsen de voortgang van de doelstellingen.

Dirk Jan Beuling is akkerbouwer in het Drentse Eerste Exloërmond. Hij verbouwt zetmeelaardappels, zaaiuien, gerst, wintertarwe, en suikerbieten op het bedrijf dat hij in 1998 van zijn ouders overnam. Daarnaast is Beuling bestuurslid van de vakgroep Akkerbouw van LTO Nederland (ondernemersorganisatie voor Nederlandse boeren en tuinders).

Waarom zijn jullie betrokken geraakt bij Boerderij van de Toekomst?

“Vanuit LTO ben ik bestuurslid van BO Akkerbouw, we kregen de vraag of we wilden deelnemen aan de programmaraad van de Boerderij van de Toekomst. Boerderij van de Toekomst biedt een vooruitblik op de ontwikkelingen in de Nederlandse akkerbouw. Wij denken vanuit de telers graag mee over innovaties en een duurzaam verdienmodel.”

Wat is de grootste uitdaging van de landbouw voor de toekomst?

“Veel landbouwers werken sinds de jaren ‘80 aan een efficiënte landbouw. Denk aan grote gewassen, flinke machines en het (binnen de marges) gebruik van toevoegingsmiddelen als meststof en gewasbescherming. Maar vanwege klimaatveranderingen en veranderende wensen van consumenten/maatschappij zullen akkerbouwers anders moeten gaan boeren. De grootste uitdaging hierbij is het overeind houden van een duurzaam verdienmodel. De arbeidsinzet per hectare zal namelijk intensiever worden. Denk aan het telen van gewassen in strokenteelt (verschillende gewassen naast elkaar op stroken van zo’n drie meter breed). Deze manier van telen vermindert het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, want plagen springen minder snel over naar een verderop gelegen strook waar hetzelfde gewas op groeit. Maar deze teelt vraagt wel precisiewerk, andere machines en meer administratiewerk.”

Wat verwacht je van Boerderij van de Toekomst?

“Het is goed dat Boerderij van de Toekomst er is om te onderzoeken welke innovaties in de praktijk goed werken. Ik ben erg benieuwd naar strokenteelt en de precieze interactie tussen de verschillende gewassen die naast elkaar worden geteeld. Ik verwacht dat Boerderij van de Toekomst ook kijkt naar het verdienmodel. Daarnaast hoop ik dat Boerderij van de Toekomst een rol kan spelen bij het veranderen van de mindset van de consument. Voedsel zal namelijk wel wat duurder worden als de kosten voor het productieproces stijgen.”

De estafettevraag komt van Annie de Veer, directeur strategie, kennis en innovatie bij het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV):

Welke doelen van Boerderij van de Toekomst beschouwt LTO als het meest belangrijk om aan te werken en wil LTO een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van een landelijk netwerk van Boerderijen van de Toekomst?

“De LTO-vakgroep akkerbouw en vollegrondsgroenten ziet Boerderij van de Toekomst als een plek voor het verkennen en onderzoeken van vernieuwende teeltsystemen en het leren erover. We moeten Boerderij van de Toekomst niet zien als een kant-en-klaarsysteem dat in de dagelijkse praktijk van de agrarische ondernemer gekopieerd kan worden. Hiervoor is meer samenwerking met telers nodig en het uitproberen op bedrijfsschaal bij deze telers. We zijn als vakgroep betrokken bij Boerderij van de Toekomst en we verwachten dat de teelttechnische hobbels kunnen worden genomen. Uiteindelijk gaat het evenwel om één ding: het verdienvermogen van de teler in de nieuwe teeltsystemen. Het verdienvermogen bepaalt het succes van de nieuwe teeltsystemen.”

Welke vraag heb je voor Nico Appelman, Gedeputeerde bij de provincie Flevoland? Hij komt in de volgende nieuwsbrief aan het woord.

“Hoe kijkt Nico Appelman als volksvertegenwoordiger naar het volgende: hoe kan het verdienmodel voor akkerbouwers worden ingericht? Hoe zorg je er bijvoorbeeld voor dat akkerbouwers voldoende worden beloond voor het frietje dat is geproduceerd via strokenteelt (en hoe houd je het frietje betaalbaar voor de consument)?